In Nederland komen vele hommelsoorten voor, de meest bekende zijn:
- Aardhommel
- Akkerhommel
- Steenhommel
- Boomhommel
- Tuinhommel
- Weidehommel
Hommels zijn aangepast om te overleven in een wat kouder klimaat. Het lichaam is voor een insect relatief groot en is zowel lang- als dichtbehaard, waardoor de warmte goed wordt vastgehouden. Daardoor komen hommels zelfs voor op de koude toendra's in het hoge noorden. De lange beharing is echter een nadeel bij warm weer, ze moeten dan veel rusten.
Er zijn twee groepen hommels; de bekendste zijn de soorten die een nest maken net zoals andere vliesvleugeligen zoals mieren, bijen en wespen. Het hommelnest blijft in de regel kleiner dan dat van andere sociale vliesvleugeligen.
Er zijn ook hommels die zelf geen nest maken maar de eitjes in het nest van andere soorten leggen, de koekoekshommels, deze missen ook de stuifmeelkorfjes die de andere hommels wel hebben.
Hommels zijn minder agressief als wespen of bijen maar kunnen eveneens vernijnig steken!
